Uitgangspunten

De leefregels van Benedictus

Benedictus van Nursia (480-547) schreef een kloosterregel die niet alleen van grote invloed bleek binnen het klooster, maar ook daarbuiten in het dagelijks leven. Kerngedachte binnen de regel van Benedictus is hoe men om kan gaan met ‘tijd’. De levensregel geeft de mogelijkheid dat men ‘met aandacht’ en ‘met mate’ met tijd om kan gaan. Dat betekent dat men bewust bezig kan gaan met tijdsindeling, door te zoeken naar een evenwichtige balans tussen inspanning en ontspanning. Benedictus zijn uitwerking om tot een evenwicht te komen tussen ‘ora et labora’ (bid en werk) is voor velen binnen en buiten de kloosters een voorbeeld geworden. Enkele punten daaruit zijn:  de kunst van het beginnen en de kunst van het ophouden; de waarde van stilte; openstaan voor zichzelf en de ander.

Anselm Grün (1945), een Duitse Benedictijn zegt dat de benedictijner spiritualiteit een spiritualiteit is welke praktisch is. Het bevat geen geestelijke hoogstandjes, maar gedachten die reëel en begrijpelijk zijn voor iedere mens. Grün spreekt in dit verband over een ‘spiritualiteit van beneden’, welke ruimte geeft voor gedachten, gevoelens, verlangens en dromen. Deze ‘spiritualiteit van beneden’ maakt men mogelijk om zichzelf en de ander op een open manier te ontmoeten.

Intreden in stilte

Vanuit de Benedictijnse levensregel hebben wij in het bijzonder aandacht voor de stilte in het klooster. Het treden in de stilte van een klooster, is een geleidelijk proces waar je aan moet wennen. We onderscheidden drie treden.

Trede 1: je bent aangenaam verrast te herademen en de rust en de vrede van de uiterlijke stilte te ervaren
Trede 2: tussen de uiterlijke stilte en de innerlijke stilte kun je struikelen. Je probeert te luisteren naar jezelf, wat je gehoord en gezien hebt. Maar in de stilte kunnen al je gevoelens, zaken die je probeert weg te drukken naar boven komen. De eerste die je ontmoet in de stilte ben je zelf.  In plaats van jezelf te aanvaarden, kun je afleiding zoeken en beginnen te praten, anderen lastigvallen, je mobiel pakken. Een korte wandeling door de gangen of buiten in de natuur, een kort praatje met een begeleider of zuster kunnen hier ontspannend werken. Zolang ze maar geen uitvlucht worden voor jezelf.
Trede 3: deze leidt tot innerlijke stilte, waarbij je bij het luisteren naar jezelf of… in je diepste binnenste een goed harmonisch gevoel (met…) ontdekt.  Deze gedachte komt overeen met het woord ‘reliagare’. Re betekent ‘her’ en ligare ‘verbinden’ met jezelf, met de ander, met het andere

Het kloosterleven

Voor Benedictus gaat inspanning (labora / werken)  samen met ruimte voor ontspanning (ora / gebed, reflectie, inspiratie). Binnen het kloosterleven is er een heldere dagindeling: na een periode van werken, volgt een vaste tijd voor gebed. Als de klokken luiden, legt men zijn werk neer om naar de kapel te gaan. Men moet dan niet in de verleiding komen nog een paar minuten verdergaan. Dat klinkt streng, maar op tijd stoppen en iets anders gaan doen of ontspanning zoeken blijkt toch effectief te zijn. Je presteert daardoor zelfs beter. In de meerdaagse kan je ervaren hoe het is om enerzijds te werken – bijvoorbeeld door het volgen van de activiteiten die wij organiseren en het meelopen met het kloosterleven van de bewoners – en anderzijds ervaar je hoe het is om in stilte mee te gaan met de structuur en om stil te staan – te reflecteren – bij wat de structuur met je doet, wat de stilte met je doet.

Kerk